Gezien mijn geografische handicap leek het mij verstandig de route naar Rotterdam nog maar eens zorgvuldig te bekijken. Mijn eerste marathon start 8 april aan de voet van de Erasmusbrug. Maar hoe kom ik daar en belangrijker nog hoe kom ik binnen 3 uur via de juiste route bij de Coolsingel? Tijd voor een gameplan!

A goal without a plan is just a wish

Al surfend op het web door de 11 geboden voor de marathon, gratis loopschema’s en sportrust theorien heb ik zelf een trainingsprogramma in elkaar geknutseld.

Ik ga proberen om met zo’n 60km per week mijn 3 uur doelstelling te halen. Meer lopen wordt lastig want er moet immers ook nog gezwommen en gefietst worden. Iedere week zal uit een interval training, een snelle loop en een duurloop bestaan met af en toe nog één optionele rustige loop. Daarnaast neem ik natuurlijk de nodige rust om te herstellen. Met nog vijftien weken te gaan is mijn route richting de start van de marathon van Rotterdam nog ongeveer 900km lang. Ter vergelijking: dit is naar Parijs heen EN terug, een enkeltje Wenen of Milaan en als ik Limburg zou afsnijden zou ik rond Nederland kunnen lopen. Of voor de gezelligheid vanuit Den Haag gewoon 5x op de koffie bij m’n ouders in Uden en weer terug.

Happiness is found on the way not at the end of the road

Het belangrijkste is het bewaren van de motivatie. Er zijn trainers en voornamelijk Engelstalige motivatie filmpjes die schildpadden nog kunnen laten rennen. 42 kilometer hardlopen vereist niet alleen de nodige passie maar ook doorzettingsvermogen. Hoe behoud ik die motivatie? Voor mij werkt het lopen van verschillende routes, nieuwe trainingsvormen en het plannen van wedstrijden.

Om te beginnen stond 2 december de halve marathon van Vlaardingen op het programma. Het doel was steady 4.10min/km te lopen en in de tweede helft van de wedstrijd te kijken hoeveel ik nog zou kunnen versnellen om onder de 1.27,30 uit te komen. Mijn laatste wedstrijd was de ‘dam tot dam loop’. Toen was ik toch lichtelijk teleurgesteld. Dit keer moet het beter!

I smell adrenaline

Zonder wedstrijdspanning vaart niemand wel

Ik vind het heerlijk om wat kleinere loopjes mee te doen. Er is ruim voldoende plek in de kleedkamer, je kunt ‘last minute’ aan de start verschijnen en voor de verandering is het ook leuk om eens wat verder vooraan te lopen dan ik normaliter gewend ben. Dit is mijn 4e keer dat ik deelneem aan de halve marathon in Vlaardingen dus ik ken de weg en ook dat is een voordeel. Ondanks dat ik helemaal op mijn gemak ben is er toch sprake van de gebruikelijke gezonde wedstrijdspanning.

Nadat ik in de gymzaal alvast wat angstzweet gemixt met een vleugje nerveusiteit van andere deelnemers opgesnoven heb ga ik naar buiten om wat in te lopen. Bij mijn kinderen spuit de Sinterklaas adrinaline deze dagen uit hun oren en met zo’n vergelijkbare wedstrijdspanning sta ik fully loaded met pepernootkoolhydraten aan de start.

In de voetsporen van Carla en Irene

Starten op het juiste tempo is altijd een kunst

Ervaring leert mij dat ik het best kan starten in het tempo van de beste vrouw. In dit geval lijkt dat een groepje met Carla Ophorst te zijn waar ook Irene Aldersma bij loopt. Carla ken ik van 10km loopjes in Den Haag waarvan ik weet dat ze die heel hard kan lopen. De eerste 3km gaan in een mooi tempo en ik loop wat achterin de groep om te profiteren van het tempo dat netjes op 4.10min/km ligt. Na 3km besluit ik ook mijn steentje bij te dragen en het kopwerk over te nemen. Een man die continue achteraan hing kan na 4km niet meer volgen. Op kilometer 6 inventariseer ik de groep nog eens en ook Carla lijkt af te haken. Met Irene Aldersma wissel ik op kop af maar op km 9 ben ik haar ineens kwijt. Ze heeft een afslag genomen omdat ze de 10km wedstrijd loopt. I’m on my own.

Als achteruit kijken je niet meer interesseert doe je iets goed

Het is rond de 0 graden en ik zweet weinig. Ik voel dat ik lekker loop en m’n streeftempo eenvoudig weet vast te houden. De inhaalrace kan gestart worden. Mijn eerste richtpunt is een jongen die zo’n 300 meter voor mij loopt en ik voer het tempo op naar 4.05min/km. Langzaam loop ik in. Bij het passeren hoop ik dat hij bij blijft zodat we het lange polder stuk kop over kop kunnen lopen maar tot mijn verbazing ben ik hem na enkele minuten al kwijt. Op het lange polderstuk waar aan het eind gekeerd wordt om hetzelfde stuk weer terug te lopen, zie ik dat de koploper mij al tegemoet loopt. Zelf vind ik het altijd fijn om zo’n stuk in een parcours te hebben omdat je precies kunt zien hoeveel lopers voor je zitten en hoe ze er uitzien. Niets mooiers dan gepassioneerde mensen die afzien met als doel zichzelf te verslaan. Ik loop 12e en schat dat ik misschien nog een top 10 plek zou kunnen halen maar dan moet ik wel echt gas gaan geven. Na het keerpunt heb ik nummer 11 in het vizier, er op en er over denk ik en ik geef hem geen illusie om aan te kunnen haken. Ik kan met nog 6km er nog 3.55 min/km uitpersen terwijl ik nog 35seconden achter de nummer 10 loop. Tergend langzaam loop ik zo’n 4 seconden per kilometer op hem in. Met nog 2 kilometer te gaan zie ik hem herhaaldelijk achterom kijken. Ik ruik bloed! Top 10 klinkt mooier dan top 20 dus rennen. De laatste 300 meter worden op de atletiekbaan afgelegd en ik zet nog een laatste volle sprint in. Helaas…op de streep kom ik 11 seconden tekort oftewel 3km.

Nadat ik uitgehijgd ben maak ik met de nummer 10 een kort praatje over de wedstrijd en de komende wedstrijden. Samen lopen we wat uit en leer ik dat zijn weg naar Rotterdam ook via Vlaardingen gaat. Streber als ik ben baal ik er nog van dat ik hem net niet ingehaald heb. Het idee dat die marathon 7x3km langer is stelt mij gerust. CU@start nr10!

Terug in de auto richting de Sinterklaas gourmet

Eenmaal in de auto begint het terugkijken/relativeren en filosoferen over mijn prestatie. 1.25,39 betekent dat ik over die tweede halve marathon 1.34,21 zou mogen doen. Klinkt als te doen, maar het wordt oh zo moeilijk. Dat worden nog heel wat kilometertjes maken. Voor nu ben ik er klaar mee en klaar voor: aanvalluh

PS Heb je genoeg van al mijn blogs en wil je me een keer horen vertellen kijk dan dit interview dat ik een paar weken geleden had met Gerrit Heijkoop.Interview Michiel

Advertenties