Tijd voor de eerste triatlon van het jaarimg_5221

Mijn eerste triatlon van het jaar is op vertrouwde Brabantse bodem. Als geboren en getogen Brabander heb ik in dit gebied mijn eerste stapjes gezet, heeft mijn fietsje ooit een week op het dak van het schuurtje gelegen omdat ik om 5u ’s ochtends rondjes aan het rijden was in de buurt en heb ik zwemdiploma’s behaald in zwembaden uit ver vervlogen tijden als buitenbad De Stok en ‘t Zand in Roosendaal.

Soms heb je dromen die je wakker houden tot je ze uitvoert

Terwijl ik bij Moerdijk het mooie Brabantse land binnen rijdt, schalt toevallig of niet, Guus Meeuwis door de speakers. Niet echt opzwepende muziek zo vlak voor een triatlon, maar wel melancholisch. Stiekem droom ik even weg over hoe het zou zijn als ik het beste van Brabant in mij verenigd had:

  • zwemmen als generatiegenoot Pieter van den Hoogenband (Geldrop),
  • fietsen als lars Boom (Vlijmen),
  • lopen als Luc Krotwaar (Bergen op Zoom),

dan zou het wel goedkomen vandaag. Maar nee, ik ben gewoon een fanatieke triatleet “die er veel voor doet maar niets voor laat”. Ik kan een kleine vergelijking met de Brabantse cultheld Berry van Aerle (Helmond) niet onderdrukken. Berry die volgens Theo Maassen een echte held was. Hij was niet de beste voetballer maar moest het van z’n conditie hebben. Hij liep de coopertest binnen de 10 minuten! Daarnaast betaal ik, net zoals Theo Maassen in zijn briljante stuk over de oud-PSV voetballer zegt, m’n contributie, werk naast m’n sport en ben al blij met de gratis consumpties en een gratis t-shirt na afloop. Desondanks mag ik graag dromen over een gemiste topsportcarrière die ik nu wellicht nog in kan halen. Waar ik tijdens triatlonwedstrijden atleten met Dare2tri sponsoropdruk voorbij zie komen, heb ik mijn eigen sponsor: Dare2dream. Zoals Walt Disney ooit zei: “If you can dream it, you can do it”!

Badmutsintimidatie en een snelle wissel

Met het ongelofelijk grote aantal van 278 deelnemers op de kwart triatlon kun je van echte Brabantse gezelligheid spreken. Omdat je zelf een badmuts mee moest nemen, is er direct sprake van visuele ‘badmutsintimidatie’. In no time is er een duidelijke klassenindeling zichtbaar. Ik besluit netjes achter de ‘club la santa’, ‘IronMan’ en ‘1e divisie’ badmutsen plaats te nemen in het startveld. We liggen als sardientjes in een blik, zij aan zij, waarna we na het startschot als brute karpers om ons heen beginnen te slaan. Na honderd meter raakt een andere atleet mijn zwembril en word ik gedwongen een schoolslag tussendoor te doen en m’n zwembril weer goed op te zetten. Ik maak gelijk van de nood een deugd door snel te kijken waar de ‘relatieve’ rust in het water is en spring in de voeten van een paar zwemmers die wat ruimte hebben. Na 500 meter keren we de boei en en kan ik een gaatje dicht zwemmen met een groep voor mij. Even inhouden de laatste meters om met een voor mijn doen verrassend snelle 17 minuten het water uit te komen en dan gelijk door rennen voor een snelle wissel. Triatlon is niet alleen zwemmen, fietsen, lopen maar ook wisselen en laat ik daar nou relatief goed in zijn 🙂

Met half ontbloot bovenlijf ren ik naar mijn fiets, bril op, voeten op de klaargelegde handdoek, fietsschoenen aan en wegwezen. Als de hartslag een beetje tot rust komt gelijk wat naar binnen werken en daarna vol gas geven om nog wat plekken naar voren te schuiven. In plaats van liquidgels dit keer als proef een reep op m’n frame geplakt met schilderstape. Repen waarbij het lijkt alsof je je mond vol hebt met grove korrels havermout en een mix van beschuit en meel. Snel drink ik wat uit m’n aerodynamische bidon. De gel is al niet veel beter. Direct voel ik de suikerzuren een aanval op mijn gebit plegen. Met grof geweld hoor ik een klonkend geluid van een dicht wiel naderen die mij voorbij zoeft met 40+ km/u. Er wordt gevochten om iedere plek, het is oorlog! zowel voor als achter mij en dan ook nog eens in mijn mond.

Te hard in de bebouwde komverkeersbord

Tijdens de rit wissel ik stuivertje met iemand met de naam de Jongh achter op z’n pak. Tijdens de vele U-bochten in het parcours kan ik mooi zien hoeveel ik er voor of achter lig en kan het algebra boekje weer van stal gehaald worden: Hoeveel lig ik op de een voor en achter op de ander? En belangrijker, kom ik dichterbij? Iedere ronde slaat de snelheidsmeter bij binnenkomst van de bebouwde kom in Terheijden rood uit en geeft met een boos gezicht aan dat ik te hard rijd. Ik moet er van lachen. Dit werkt natuurlijk als een rode lap op een Stier bij mij. Na 40km knallen begin ik al wat verzuring in m’n bovenbenen te voelen, die ik overigens bij het schrijven nog steeds voel. Dat is het mooie van triatlon: je begeeft je in een groepje idioten waarin je je niet kan verstoppen. Iedereen heeft dezelfde passie en pijn.

Met beide benen op de grondTerheijden 3

Als ik na het fietsen eindelijk weer met beide benen op de grond sta, weet ik dat het voor mij nu echt gaat beginnen: Mijn lievelingsonderdeel, het lopen. Naast mijn schoenen loopt synchroon de wil mee om op mijn eigen strakke schema een inhaalrace te beginnen. Tegelijkertijd wil ik mezelf tonen dat ik het kan. Wat is het?

  • m’n eigen doel halen,
  • het maximale uit m’n lichaam persen,
  • iig dat wat voor mij genoeg is om me voor even een groot kampioen te voelen, al is het maar voor een paar minuten na de finish.

Na een inhaalrace van 26 mensen is daar dan uiteindelijk nog een onvermijdelijke ouderwetse eindsprint. Als leeuwen wordt gevochten om iedere millimeter ruimte alsof het een Olympische sprint finale is om goud en eeuwige roem (is het bij ons in gedachten ook). Voor de rest van de wereld gaat het gewoon om plek 25 en 26! Als ik net 1 seconde sneller ben, voel ik mij met als nummer 25 van de 278 met een tijd van 2:11:18 de koning te rijk. Net echt met zo’n sprint erbij. Na afloop worden we voorzien van luxe bakjes fruit, ja het leven is goed in het Brabantse land!

Thuis wacht de ontnuchterende waarheidTerheijden 2016-1

Eenmaal thuis is daar de ontnuchterende waarheid en word ik direct aangesproken door mijn eigen dochter op m’n gedrag. Zodra ze mijn startnummer op hand en been ziet zegt ze “Pap je mag niet op je hand tekenen en ook niet op je been!!!” Op z’n Brabants een keiharde ‘reality check’ maar het is altijd goed om mensen in je nabijheid te hebben die je met beide benen op de grond houden. Mijn triatlonfantasiewereld waarin ik aan alles ontsnap en voor even die verloren topsporter ben is over, althans voor even.

Advertenties